zaterdag 13 december 2014

Het leven op z'n kop

Hoe begin je een verhaal waarin je iets gaat vertellen wat je eigenlijk helemaal niet wilt vertellen, simpelweg omdat je zou willen dat het niet zo was. Daar is geen standaard voor en daarom begin ik gewoon maar met het typen van mijn verhaal.

Al een week of 6 voelde ik me niet lekker en had ik pijn in m'n buik en rug. Alhoewel ik niet zo snel naar de huisarts stap heb ik deze afgelopen 6 weken de deur aardig bij hem plat gelopen, want ik voelde me maar niet beter. Ik had koorts, voelde me niet fit, was vermoeid en de ontstekingswaardes in mijn bloed waren steeds te hoog. Een scala aan diagnoses passeerde de revue; nierbekkenontsteking, geïrriteerde darmen, een virale infectie, maar uiteindelijk bleek dit het allemaal niet te zijn; want ook na een antibioticakuur, pijnstillers en 'het de tijd geven' bleven de klachten. Ook een echo van eierstokken, baarmoeder, maag, lever en nieren leverde geen uitsluitsel. Uiteindelijk verwees de huisarts mij door naar een maag-, darm- en leverspecialist, omdat hij niet meer kon bedenken of vinden wat er nu eigenlijk met mij aan de hand was. 
 Het bezoek aan de specialist leverde niets concreets op, maar hij verwees mij door naar de afdeling radiologie om een scan van mijn buik te laten maken.

Helaas krijgt het verhaal hier een vervelende wending, die je misschien al had voelen aankomen, want waarom zet ik anders het wel en wee van mijn buik- en rugpijntjes op 'papier'. Op donderdag 4 december moest ik mij melden bij het Flevoziekenhuis voor het maken van een CT-scan, om vervolgens op maandag 8 december terug te keren bij de specialist voor de uitslag van deze scan. Krap een uur na de scan, ik liep nog vrolijk de laatste sinterklaasinkopen te doen, keek ik op mijn telefoon hoe laat het was toen ik zag dat ik een voicemailbericht had. Ik luisterde m'n voicemail af waarop een bericht was ingesproken dat ik met spoed het ziekenhuis terug moest bellen. Het telefoontje dat toen volgde gaat af en toe nog met flarden door m'n hoofd. Ik hoorde lymfeklieren, kwaadaardig en morgen opgenomen worden. Diezelfde middag werd ik terug gebeld dat er de volgende dag een bed voor me vrij was op de afdeling 'interne oncologie'. Jeannot en ik waren lamgeslagen, terwijl we nog helemaal niets wisten, maar je hoeft geen Einstein te zijn om te weten waar het bij 'kwaadaardig' en 'oncologie' om gaat. Op vrijdag meldde ik mij in het ziekenhuis waar we te horen kregen dat ik vergrote lymfeklieren in m'n buik heb. Die dag volgde er nog een scan , nu van de hele romp, om te kijken of er misschien nog meer 'plekken' zichtbaar waren in mijn lijf. Uit deze tweede scan bleek dat er ook in m'n linkerschouder een opgezette lymfeklier zit en dat ze 'iets' op m'n rechternier zien. De artsen bleven voorzichtig in wat ze zeiden, pas als er een definitieve diagnose is gesteld kunnen ze natuurlijk met zekerheid zeggen wat er precies aan de hand is. Door goed te luisteren en door te vragen wisten we echter een ding al wel en dat is dat ik een lymfoom heb. In Jip en Janneke taal is dat niets meer en niets minder dan lymfeklierkanker...Om vast te kunnen stellen om welk soort lymfeklierkanker het gaat, en welke behandeling dus nodig is, hebben ze maandag een stukje weefsel uit de klier in m'n schouder weggenomen. Dit is doorgestuurd naar de patholoog voor onderzoek en hier zouden we gisteren de uitslag van krijgen. Er zat een kleine kans in dat de kweek nog niet klaar was, of dat ze niet genoeg weefsel zouden hebben weggenomen voor een goede diagnose.  Met die twee scenario's gingen wij de afspraak tegemoet. Er van overtuigd dat als deze twee scenario's niet opgingen we naar huis zouden gaan met de wetenschap welke vorm van lymfeklierkanker ik zou hebben en welke behandeling mogelijk was.  Gelukkig was de uitslag binnen, dat betekende niet weer wachten. Helaas was het niet de uitslag die we gehoopt hadden. Het blijkt namelijk niet te gaan om lymfeklierkanker, maar om adenocarcinomen. Dat is een mooi woord voor uitzaaiingen... En ook hier hoef je geen Einstein te zijn om te weten dat als er uitzaaiingen zijn, er ergens in je lichaam een kankerhaard zit, de grote vraag is nu alleen waar? Dat is wat nu verder onderzocht gaat worden, te beginnen dinsdag met het maken van een mammografie om te kijken of de kanker misschien in m'n borsten zit.
En ik....ik ben lamgeslagen, boos, verdrietig en verbijsterd. Maar bovenal sterk, strijdlustig en vol vechtlust om deze ziekte te verslaan. Ik heb immers nog een heel leven voor me samen met Jeannot, Sem, Mischa en mezelf niet te vergeten!